78ste vergadering - Den Haag

Datum: 
10 juni 2013

1 Krijtlijnen Actieplan 2014 en bijbehorende ontwerpbegroting

Het Comité van Ministers geeft de algemeen secretaris de opdracht om op de krijtlijnen van het Actieplan 2014 en de bijbehorende ontwerpbegroting een strategische oefening uit te voeren en een aangepast Actieplan 2014 en een bijgestelde begroting op te stellen die desgevallend kaderen binnen een aangepast Meerjarenbeleidsplan 2013-2017 en een bijgestelde meerjarenbegroting.

2 Uitgave van de Woordenlijst Nederlandse Taal in boekvorm in 2015

Het Comité van Ministers besluit dat in 2015 een excerpt uit de digitaal te publiceren geactualiseerde Woordenlijst Nederlandse Taal ook in boekvorm zal verschijnen en draagt het Algemeen Secretariaat op met een openbare aanbesteding de geschiktste partner voor een dergelijke uitgave te selecteren. Met dit besluit komt de zin ‘de Nederlandse Taalunie zal niet als auteur van een commerciële uitgave in boekvorm optreden’ uit het besluit van 23 april 2007 aangaande de samenstelling van en de opdracht aan de Commissie Spelling van de Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren te vervallen.

3 Instelling van de Taaluniecommissie Digitaal Erfgoed

Het Comité van Ministers heeft met belangstelling kennisgenomen van het advies Waardeer Samenwerking. Advies over Nederlands-Vlaams beleid voor het duurzaam beheren, behouden en beschikbaar stellen van Nederlandstalig erfgoed van de Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren. Het onderschrijft op hoofdlijnen de in het advies geformuleerde uitgangspunten en besluit tot de instelling van een Taaluniecommissie Digitaal Erfgoed.
De commissie wordt ingesteld om op het terrein van digitaal erfgoed geleverde inspanningen te evalueren, aanzetten te geven tot gezamenlijk Nederlands-Vlaams beleid en evoluties in het veld op te volgen. Als basis daarvoor wordt onder meer geïdentificeerd:

  • welke lessen kunnen worden geleerd uit grote digitaliseringsprojecten die worden of zijn uitgevoerd;
  • wat succesfactoren zijn voor Nederlands-Vlaamse samenwerking in internationale data-infrastructuren;
  • wat voorwaarden zijn voor instellingen om hun collecties en collectiegegevens als open data vrij te kunnen geven, zodat wat gedigitaliseerd wordt, optimaal bruikbaar en herbruikbaar is.

Aan de commissie in oprichting wordt gevraagd een instellingsbeschikking op te stellen en die met een aanzet tot operationalisering van het Raadsadvies voor te leggen aan het Comité van Ministers.
De werkgroep die op 15 mei 2012 door het Comité van Ministers is ingesteld om te verkennen op welke wijze Nederland en Vlaanderen hun inspanningen voor de ontwikkeling van een (landelijke) digitale bibliotheek op elkaar kunnen afstemmen, wordt gevraagd ook aan de commissie Digitaal Erfgoed te rapporteren. Het Algemeen Secretariaat wordt gevraagd te waken over de aansluiting van de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren op zowel de (landelijke) digitale bibliotheken van Nederland en Vlaanderen als bredere initiatieven op het terrein van digitaal erfgoed.

4 Instemming met de aanpassing van de zittingstermijn van de Raadsleden

Het Comité van Ministers stemt in met de wijziging van artikel 8 van de statuten van de Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren. Daarmee wordt de zittingstermijn van Raadsleden verlengd van 5 jaar (3 jaar plus 2 jaar) naar 6 jaar (3 jaar plus 3 jaar) en wordt de mogelijkheid geboden om Raadsleden met een bijzondere expertise uitzonderlijk en op basis van een goed onderbouwde motivatie een derde zittingstermijn van 3 jaar op te laten nemen. Na elke zittingstermijn van 3 jaar wordt een evaluatie van het lidmaatschap uitgevoerd en stemt het Comité van Ministers in met de volgende zittingstermijn van 3 jaar. Het Comité van Ministers verzoekt de Raad om in lijn hiermee ook de vereiste onderbrekingstermijn te verlengen van 5 jaar naar 6 jaar.

5 Instemming met het huishoudelijk reglement van de Arbitragecommissie

Het Comité van Ministers verleent zijn instemming aan het huishoudelijk reglement van de Arbitragecommissie van de Nederlandse Taalunie goed en mandateert de voorzitter van het Comité van Ministers om conform artikel 12 vervangers te benoemen wanneer dat nodig blijkt te zijn.


Den Haag, 10 juni 2013
 


de voorzitter van het Comité van Ministers    
Pascal Smet                                              

de algemeen secretaris
Geert Joris