Nederlands-Vlaams Taalcongres in het Vlaams Parlement mondt uit in een krachtige oproep: blijf samen investeren in het Nederlands omdat het ons zo veel oplevert

Brussel
10 oktober 2015

Aan het begin van de Week van het Nederlands - die plaatsvindt van 10 tot 17 oktober 2015 - hielden diverse Nederlands-Vlaamse middenveldpartijen en de Interparlementaire Commissie van de Taalunie een Taalcongres in het Vlaams Parlement. Het congres was gewijd aan de talrijke kansen tot samenwerking die het Nederlands biedt en mondde uit in vier concrete beleidsaanbevelingen aan het Comité van Ministers van de Taalunie. Later dit jaar zullen de Nederlandse en Vlaamse ministers van Onderwijs en Cultuur deze aanbevelingen bespreken en beantwoorden. Vlaams minister-president Geert Bourgeois sprak alvast zijn waardering uit voor het initiatief van parlementen en middenveld.

Het thema van de eerste Week van het Nederlands van de Taalunie en haar partners is “Iedereen aan het woord!”. De Interparlementaire Commissie van de Taalunie heeft dit letterlijk opgenomen door diverse Nederlands-Vlaamse middenveldpartijen in het Vlaams Parlement een podium te bieden om direct mee te praten over het gezamenlijke Nederlands-Vlaamse taalbeleid.

De Nederlands-Vlaamse middenveldpartijen vragen aandacht voor blijvende gezamenlijke investeringen in onze taal omdat ze ons tal van samenwerkingsmogelijkheden biedt binnen en tussen de Nederlandstalige samenlevingen, met anderstalige buurlanden en -regio’s en in tal van landen in de wereld.

In vier werksessies werd gefocust op:

  1. het belang van de standaardtaal met waardering voor variëteiten en variaties;
  2. het belang van taal- en spraaktechnologie in het Nederlands, ook voor Suriname;
  3. waardering van laagdrempelige meertaligheid ten behoeve van grensarbeid en -toerisme;
  4. de meerwaarde van het onderwijs Nederlands wereldwijd voor de Nederlandstalige landen.

Tijdens de werksessies werden inleidende filmpjes getoond, onder meer van de Vlaamse sector Samenlevingsopbouw en de Federatie van de Centra voor Basiseducatie, de Nederlandse Stichting NOB en Vlamingen in de Wereld. Er kwamen diverse sprekers aan het woord zoals de Nederlandse schrijver Abdelkader Benali, de Surinaamse onderwijsdeskundige Lila Gobardhan-Rambocus en de Noord-Franse en Slovaakse docenten Nederlands Armand Héroguel en Marketa Štefková.

Op basis van de vier werksessies formuleerde de Interparlementaire Commissie concrete beleidsaanbevelingen aan het Comité van Ministers van de Taalunie, zie bijlage.

Wilfried Vandaele, de voorzitter van de Interparlementaire Commissie, vatte de overkoepelende boodschap samen als een krachtige oproep aan het Comité van Ministers om gezamenlijk in het Nederlands te blijven investeren omdat het ons zo veel oplevert.

De aanbevelingen werden namens het Comité van Ministers in ontvangst genomen door Geert Joris, algemeen secretaris van de Taalunie. Joris bedankte de organiserende partijen voor de positieve aandacht die ze voor het Nederlands creëren en verzekerde dat het Comité van Ministers de vier aanbevelingen in het najaar zal bespreken en beantwoorden.

Tijdens de afsluitende plenaire sessie van het Taalcongres benadrukte Vlaams minister-president Geert Bourgeois het belang van Nederlands-Vlaamse samenwerking voor het Nederlands en sprak hij alvast zijn waardering uit voor het initiatief van de Interparlementaire Commissie van de Taalunie en de diverse Nederlands-Vlaamse middenveldorganisaties.

Zijn boodschap was duidelijk: “Dit Taalcongres brengt de verbindende kracht en de sterke troeven van een gedeelde taal onder de aandacht. Samen staan we sterk om onze taal te promoten: overheden, officiële instanties, maar evenzeer de talloze verenigingen en geëngageerde burgers die zich op belangeloze wijze inzetten voor de Nederlandse taal”.

Tot slot bedankte An De Moor, voorzitter van de stuurgroep voor het Taalcongres, alle deelnemende partijen voor de voorbeeldige samenwerking. Ze besloot: “Ik hoop dat de aanbevelingen het beleid van de Taalunie verder zullen versterken en dat het middenveld ook in de toekomst bij het beleid van de Taalunie betrokken zal blijven onder het motto dat het Standaardnederlands kansen schept”.

Organiserende partijen

  • Actiegroep Nederlands Vanzelfsprekend;
  • Algemeen-Nederlands Verbond;
  • Marnixring;
  • Orde van den Prince;
  • Ons Erfdeel;
  • Stichting NOB;
  • Stichting Vlamingen in de Wereld;
  • Verbond der Vlaamse Academici;
  • Interparlementaire Commissie van de Nederlandse Taalunie.

Over de Taalunie
De Taalunie is de beleidsorganisatie voor het versterken van de positie van het Nederlands, zowel binnen als buiten het taalgebied. Zij ontwikkelt beleid, diensten en producten zodat het Nederlands optimaal benut kan worden. Op deze manier draagt de Taalunie bij aan het aantrekkelijk en levendig houden van het Nederlands. Omdat taal kansen schept.

Contactpersonen voor de pers
Namens de Taalunie: Kevin De Coninck, kdconinck@taalunie.org, mobiel: +31 6 468 31 637
Namens de middenveldorganisaties: An De Moor, an.demoor@odisee.be, mobiel: + 32 475 62 00 98

Downloads